VNG

‘Daadkrachtig samen aan de slag om meer volwassenen vaardig te maken in lezen, schrijven, rekenen en met digitale apparaten.’ Dat was het doel van de bestuurlijke afspraken laaggeletterdheid 2020-2024 tussen het Rijk en de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten). In de praktijk mondden de afspraken uit in bureaucratie, controle en beknibbeling, en hielpen ze onze laaggeletterde inwoners niet verder. Daarom haalt de VNG haar handtekening weg, blijkt uit een bericht van de VNG.

Onderstaand bericht is te vinden op de website van de VNG.

Ondersteuning, vertrouwen en voldoende financiële middelen

Gemeenten vinden de aanpak van laaggeletterdheid belangrijk en voelen zich verantwoordelijk om hun kwetsbare inwoners te ondersteunen. Daarvoor hebben zij op hun beurt ondersteuning, vertrouwen en voldoende financiële middelen nodig vanuit het Rijk. Maar nu dit achterwege blijft, voelen wij ons genoodzaakt om met de afspraken te stoppen. Gemeenten gaan wel door met de onderwijsactiviteiten voor hun inwoners en zullen zich samen met Stichting Lezen en Schrijven blijven inzetten om laaggeletterden te ondersteunen.

Geld voor activiteiten, niet voor administratie en bureaucratie

De bestuurlijke afspraken laaggeletterdheid zijn officieel gericht op meer verbinding met het sociaal domein, breder bereik van de doelgroepen, adequate monitoring en een kwaliteitsimpuls. Dit is waardevol, maar de uitwerking van de afspraken leidde niet tot gerichtere en betere activiteiten, maar juist tot meer administratie en bureaucratie. Hierdoor dreigden met name laagdrempelige vrijwilligersorganisaties lokaal af te haken door de regeldrukte die hen wordt opgelegd. Tegelijkertijd bleven voldoende financiële middelen om de problemen aan te pakken, uit.

Meer gemeentelijke onderwijsactiviteiten financieel in de knel

Het financiële probleem bij de aanpak van laaggeletterdheid staat niet op zich. Laaggeletterdheid is een van de onderdelen van het Interbestuurlijk Programma (IBP) tussen de overheden. In het IBP staan de gezamenlijke meerjarige aanpak van hardnekkige maatschappelijke opgaven centraal.

Ook de ondersteuning aan jongeren die voortijdig de school verlaten en ondersteuning aan kleine kinderen met ontwikkelingsachterstanden maken hiervan deel uit.

Bij deze 3 taken wil het ministerie van OCW, ondanks het IBP en herhaalde verzoeken van de VNG, geen meerjarige financiële afspraken maken. Maar het is juist voor deze kwetsbare en moeilijk bereikbare inwoners van belang om lokaal goede begeleiders te krijgen en te houden.

Meer informatie