Project omschrijving

Taal is de sleutel tot integratie

In Alkmaar begint de victorie! Ruim voordat het Kletsmaatjesproject van Het Begint met Taal een succes werd, had Gilde Alkmaar SamenSpraak – een activiteit van Stichting Gilde Alkmaar, onderdeel van non-profit vrijwilligersorganisatie Gilde Nederland – De helft van haar eigen taalkoppels van fysiek naar online contact overgezet. En dat ging vanaf het begin heel erg goed.

Jacqueline Dusselaar, coördinator van Gilde Alkmaar SamenSpraak: “Er was al veel geïnvesteerd in het samenbrengen van taalbegeleiders en anderstaligen en het liep allemaal nét lekker, toen half maart opeens de bibliotheek dicht moest. Het was dé plek waar bijna alle taalkoppels afspraken. Samen met de andere drie coördinatoren van het Gilde heb ik direct een mail aan alle taalbegeleiders gestuurd met het advies om het contact tussen de koppels toch zoveel mogelijk via Skype of WhatsApp-videobellen in stand te houden.”

Nieuwe koppels


“Sommigen bleken dat op eigen initiatief al te doen. Als er koppels waren die door de omschakeling geen contact meer met elkaar konden hebben, maakte ik nieuwe koppels die wel online verder konden. Meestal was gebrekkige taalvaardigheid de belangrijkste reden dat het contact online niet ging. Want dat maakt digitaal converseren er niet bepaald gemakkelijker op. Ook hadden sommige anderstaligen gewoon veel minder tijd, omdat hun kinderen thuis van school waren.” 

Taal als sleutel


Jacqueline is zelf erg geïnteresseerd in andere culturen en heeft veel in Azië gereisd. “Tijdens zo’n reis is alles een avontuur, ook al kun je niets lezen of begrijpen van de taal. Maar bevreemdend is het wel. Als je ergens permanent woont, bijvoorbeeld in Nederland, en niets kunt lezen of begrijpen is het avontuur er gauw vanaf. Dan moet je echt de taal van het land leren om mee te kunnen doen. Taal is daarom de sleutel tot integratie.”

Juiste klik


“Zelf was ik benieuwd naar het verloop van de intakes. Die deed ik voorheen op een rustige plek in de bibliotheek of al wandelend buiten, omdat ik ook let op lichaamshouding. Online zie je alleen een hoofd. Maar gelukkig merkte ik dat het ook online goed gaat. Dat kunnen we daarom na Corona erin houden als het moeilijk is om naar Alkmaar te komen. Bij het maken van de koppels kijk ik ook nog steeds naar harde feiten als: hobby’s, gezinssituatie en specifieke taalvraag. De juiste klik is echt belangrijk, want je ziet elkaar als koppel meestal eenmaal per week een jaar lang. Bij Gilde Alkmaar SamenSpraak hanteren we trouwens wel een basisniveau qua taalvaardigheid voor de anderstalige. Je moet ongeveer zes maanden Nederlandse les hebben op een school én in staat zijn om een eenvoudig gesprekje in het Nederlands te kunnen voeren. De taalbegeleiders zijn immers geen docenten en geven geen les of uitleg. Voor echte beginners is dit project niet zo geschikt.”

Creatief


“De meeste taalkoppels zijn heel creatief door de nieuwe situatie geworden. Ze gebruiken e-mail om een opdrachtje te sturen en praten daar dan online over. Of de taalbegeleider en de anderstalige gebruiken Spreektaal en zetten dat gelijktijdig open op de pc, terwijl ze er via WhatsApp-video over praten. Maar gewoon met elkaar bellen kan ook. Als het praten maar centraal staat, dan is eigenlijk het doel al behaald.”

Vooral positief


Wel is het jammer dat we nu ook geen fysieke bijeenkomsten met de taalbegeleiders kunnen houden om van elkaars ervaringen te leren. Die bijeenkomsten hadden vaak een specifiek thema of we nodigden een gastspreker uit. Maar verder kan ik weinig negatiefs aan het huidige online tijdperk ontdekken. Ik denk zelfs dat als de tijden weer veranderen en we elkaar weer in levenden lijve mogen zien, deze online vorm van taalbegeleiding zeker zal blijven bestaan. Het heeft zijn bestaansrecht echt verworven. Bijvoorbeeld voor taalbegeleiders die minder mobiel zijn of voor anderstaligen die in de randgemeenten van Alkmaar wonen. De woonplaats blijft voor ons als Gilde Alkmaar SamenSpraak wel een eis als je een taalbegeleider zoekt. Als anderstalige moet je in de gemeente Alkmaar wonen of bereid zijn een jaar naar de stad te komen. Maar als er in de woonplaats van de anderstalige een andere organisatie is, verwijzen we daar naar door. Of naar Kletsmaatjes.”

 Tips en een hartenkreet


Ik heb nog wel een paar praktische tips voor organisaties die op de onze lijken: laat je vrijwilligers niet gaan en probeer snel te schakelen in deze tijden. Stuur regelmatig tips via de mail, maak nieuwe koppels indien nodig en informeer de taalbegeleiders over bijvoorbeeld de webinars van Het Begint met Taal en de methode Spreektaal. Ik vind het zelf wel opmerkelijk dat zulk belangrijk werk voor een groot deel aan vrijwilligers in de openbare ruimte wordt overgelaten. Als Gilde Alkmaar SamenSpraak hebben we bijvoorbeeld nergens een klein hokje voor de intakes, terwijl er dan vaak veel persoonlijke zaken worden besproken. De afspraken tussen de koppels kunnen echter prima in de bibliotheek. Daar is namelijk voldoend materiaal, zoals kranten.”

Doorverwijzen


Jacqueline begeleidt nu zelf twintig van de 52 koppels die Gilde Alkmaar SamenSpraak telt. Ze is altijd bij het eerste gesprek en belt de taalbegeleider elke twee á drie maanden en de anderstalige na de eerste drie weken. Natuurlijk is er frequenter contact, mocht dat nodig zijn, bijvoorbeeld voor tips voor materiaal. “En ik ben een voorstander van doorverwijzen.” Hierin is ze heel pertinent. “Je bent er om met de taal te helpen, maar je hoeft als taalbegeleider geen vrienden te worden en zaken op te lossen. Natuurlijk word ik er blij van als mensen het samen leuk hebben. Maar als er bijvoorbeeld problemen met maatschappelijke instanties zijn, zijn er in Nederland voldoende loketten waar je terecht kunt. Daar verwijs ik dan graag naar door. Bovendien heb je als taalbegeleider contact met volwassen anderstaligen die heel graag zelfstandig willen en kunnen zijn.”

Dit verhaal is opgeschreven door Anja Boerema in 2020.